Taalronde over de vakantie

taalronde schrijven vakantie

Een taalronde is een werkvorm die grotendeels bestaat uit het delen en opschrijven van eigen ervaringen. In dit geval ervaringen die kinderen opdoen tijdens vakanties. De kinderen zitten in de kring en door de stappen te volgen komen veel verschillende taaldomeinen aan bod.

Doel:

Kinderen werken aan de verschillende taaldomeinen.
Kinderen ontdekken dat er een samenhang is tussen vertellen, luisteren, lezen en schrijven.

taalronde schrijven tekst vakantie

Geschikt voor:

Groep 3, 4, 5, 6, 7 en 8.

Duur:

Lang: 45-60 minuten

Materiaal:

– Een gedicht of verhaal over vakantie
– Voor ieder kind een blaadje en potlood/pen

Verloop:

Een taalronde is opgebouwd volgens een vaste structuur. Deze verloopt als volgt.

  • Kring: De kinderen beginnen in de kring. Als er een vaste afspraak of indeling is is, houd dan deze aan. Als dit er niet is, bedenk dan zelf een volgorde. Laat de kinderen bijvoorbeeld op lengte of op leeftijd gaan zitten.
  • Introductie: Introduceer het onderwerp door een gedicht of verhaal over de vakantie voor te lezen. Hier volgt een voorbeeld:
    De zee is zout.
    De golf is koel.
    Het ijs is koud.
    De zon is zwoel.
    
    De zee is groot.
    Het strand is klein.
    De buik is bloot.
    De dag is fijn.
    Bron: cyrillansink.nl

    Vertel dat je het vandaag gaat hebben over vakantie en wat je ziet, voelt, proeft, ruikt op vakantie.

  • Snelle ronde: Ieder kind noemt kort een woord dat in hem opkomt als hij denkt aan vakantie.
  • Vertellen: Vertel kort over een eigen ervaring wat te maken heeft met de vakantie. Geef daarna enkele kinderen de beurt om te vertellen over hun ervaringen.
  • Lijstjes: Door de genomen stappen zijn er weer herinneringen bij de kinderen naar boven gekomen. Ieder kind krijgt nu een blaadje en schrijft of tekent daarop drie herinneringen over vakantie die ze willen vertellen.
    Het gaat er niet om dat het een mooie tekening of goed verhaal is, maar dat het snel is. Dus een schets of wat steekwoorden en korte zinnen. Hierbij noteren de kinderen dus ook wat ze zien, voelen, ruiken of proeven.
  • Tweetalgesprek: Als de (meeste) kinderen klaar zijn kiezen ze één ervaring uit waarover zij iets willen vertellen. De kinderen vormen een tweetal en vertellen om de beurt over wat ze hebben getekend of opgeschreven.
  • Schrijven: De kinderen gaan nu het vakantieverhaal dat ze hebben uitgekozen en verteld, opschrijven. Dit wordt een lang, goedlopend verhaal. Dit kunnen zij doen in de kring, maar is misschien fijner aan je eigen tafel.
  • Voorlezen: De kinderen komen terug in de kring en enkele kinderen mogen hun verhaal voorlezen. Daarna krijgen de andere kinderen de mogelijkheid om te reageren of vragen te stellen.

Deze werkvorm is afkomstig uit het boek ‘Iedereen kan leren schrijven’ van Suzanne van Norden.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.